vrijdag 4 november 2016 | 216x bekeken | 2x gedeeld | Leestijd: 4 minuten

De Netwerkmaatschappij deel 15, Privacy: ‘Je hebt wél iets te verbergen’

In het pas verschenen boek ‘Je hebt wél iets te verbergen’ laten auteurs Maurits Martijn en Dimitri Tokmetzis o.a. zien dat ons recht op privacy net als onze vrijheid van meningsuiting met voeten worden getreden door commerciële en politieke grootmachten, wat des te kwalijker is omdat het in beide gevallen gaat om grondrechten. Kunnen we ons hiertegen wapenen?

De schrijvers constateren dat wij ons weinig zorgen maken over onze gestadig verder afkalvende privacy omdat we er – oppervlakkig bekeken – zo weinig van merken. Het speelt zich af ‘onder de motorkap’ van onze smartphones en laptops. Toch zegt maar liefst 77 procent van de internetgebruikers bang te zijn voor diefstal van online data. Er is hier sprake van een paradox: we vinden privacy belangrijk, maar handelen er niet naar. De tijd om ons goed te informeren – en ons ertegen te verzetten – is allang gekomen (het is nu echt eens vijf voor twaalf), al was het maar omdat we tegenover onze kinderen verplicht zijn op te komen voor hun privacy nu en later.

Volg de (meta)data

Onderzoeker Matt Blaze legt uit: “Metadata vormen onze context. En die kan veel meer van ons blootleggen – zowel op individueel als op groepsniveau  – dan de woorden die wij spreken.” Voor de duidelijkheid: laten we metadata in het vervolg gedragsgegevens noemen. Met de tracker tool laten de schrijvers zien welke bedrijven een ongezonde belangstelling voor onze data hebben – dat zijn er heel veel.  Hier kun je de ergste gluiperds vinden die je online volgen.

welietsteverbergen-illustratie

Illustratie: Roeland Smeets

Ook kinderwebsites zijn niet veilig. Als een kind voor het eerst een spelletje op de site van Studio100.be gaat spelen, komen nog tijdens het inloggen 54 commerciële partijen in actie en vindt er een veiling plaats waarin uitgemaakt wordt welke afzender een advertentie mag plaatsen op het scherm van het kind. Studio100.be schuift hiervoor iedere verantwoordelijkheid van zich af en zegt dat de ouders maar eerst de privacyvoorwaarden van de 54 aanbieders moeten doornemen.

De burger en de gedragsgegevens

In 2011 verscheen het rapport ‘iOverheid, visie op een digitaliserende overheid’. Mede-opsteller Corien Prins komt in een recent interview met de Correspondent tot een verrassende uitspraak: “Ik ben er steeds meer van overtuigd dat je eigenlijk niet meer moet inzetten op de rechten van de burger”.

De reden waarom zij dat vindt, is dat als je overheden en bedrijven om informatie vraagt, je al snel in slepende procedures terechtkomt en uiteindelijk bot vangt. Hoogleraar Technologie en Samenleving Dennis Broeders: “De meeste big data systemen van de overheid zijn black boxes. Niemand bij de overheid begrijpt echt hoe ze werken. Daar komt nog bij dat private partijen die algoritmes bouwen, ze zijn bedrijfsgeheim.”

Voor burgers geldt het recht van de veronderstelling van onschuld: je bent onschuldig tot het tegendeel bewezen is. Maar volgens hoogleraar ICT en Rechtstaat Mireille Hillebrandt is een gevolg van het preventief profileren door bijvoorbeeld opsporingsdiensten dat burgers als mogelijke verdachten worden aangemerkt. En die burgers  kunnen zich, terwijl dat gebeurt, niet verweren. Sterker nog: ze wéten meestal niet dat ze gemonitord worden.

Dataïsme (een overdreven geloof in de mogelijkheden van data om onze werkelijkheid te beschrijven en vorm te geven) creëert een nieuw soort burgerschap: voorwaardelijk burgerschap, een burgerschap waarbij grondrechten op de tocht kunnen komen staan. Is er iets met je IP-adres? Dan is er iets aan de hand en word je aangetast in je burgerrechten.

Er is heel wat dat je zelf kunt doen om je privacy enigszins te beschermen. De Correspondent zette een aantal tips op een rij in ‘de digitale verdedigingsgids‘.

De maatschappij, de overheid en de gedragsgegevens

Met de gedragsgegevens van haar burgers kan een overheid meerdere kanten opgaan. Een positieve kant laat Alex Pentland zien in ‘Sociale Big Data’.

Overheden kunnen ook gaan sturen, met nudging: de Belastingdienst heeft een team Gedragsverandering, dat o.a. probeert chronische uitstellers tot andere gedachten te bewegen. Om obesitas te bestrijden kan een overheid ook ‘positief sturen’. Als je je als overheid of bedrijf eenmaal hebt voorgenomen om op een bepaald gebied het gedrag van individuen te doorgronden, dan zijn de mogelijkheden tegenwoordig – letterlijk – oneindig en de gevolgen voor burgers en consumenten niet te overzien. Dan kan er veel kwaad gedaan worden; in de media kun je lezen over tal van min of meer dictatoriale regimes, en over potentaten en bedrijvenpotentaten die bij het misbruik maken van hun macht big data gebruiken.

Conclusie

In het boek van Martijn en Tokmetzis komt de vraag aan de orde: ‘hoe kan ik me tegen datagraaiers verweren?’ Het antwoord dat zij geven is weinig hoopgevend: “Dat wordt heel moeilijk want het probleem is én politiek én juridisch én maatschappelijk én ethisch én technologisch én economisch”.

Dat is meteen ook een  punt voor het onderwijs: het onderwerp is te groot en veelomvattend om in één vak te passen. Alweer een reden voor het onderwijs om zich aan te passen aan roerige tijden.

Om terug te komen op de titel van het boek: ‘Je hebt wél iets te verbergen’, tja… Maar wát, dat weet je niet precies want je weet niet in welk hokje de algoritmes je allemaal geduwd hebben. Zeker is dat wij met z’n allen veel te verbergen hebben en dat het hoog tijd is actiever voor ons privacyrecht op te komen.

Meer weten over privacy? Tip: De afgelopen weken stond het thema hoog op de agenda in de media. Zo bood NPO3 twee weken lang een speciale programmering met o.a. uitzendingen van de Universiteit van Nederland en diverse achtergrondartikelen. Bekijk hier een overzicht.

Reacties 1

Laat een reactie achter

Reacties die geplaatst worden zonder in te loggen, worden eerst goedgekeurd door de redactie.