donderdag 4 augustus 2016 | 2015x bekeken | 159x gedeeld | Leestijd: 3 minuten

Gamen is goed én slecht, maar niet voor iedereen

Het wordt steeds duidelijker dat gamen niet per se goed of slecht is, maar dat het afhangt van de mate waarin gegamed wordt en van specifieke kindkenmerken. Ook voor meisjes zijn de gevolgen anders dan voor jongens. Nieuw onderzoek laat zien dat licht gamen – zo’n uurtje per dag – zelfs ronduit goed is voor jongeren. Niet neutraal – zo van ‘het kan geen kwaad’ – maar echt aantoonbaar goed.

Gamen is goed én slecht

Onderzoek naar de invloed van gamen is al een tijdje gaande, en we hebben al heel wat gevolgen de revue zien passeren. Gamen is in verband gebracht met allerlei verschillende effecten. Positief én negatief. De ene onderzoeker vindt invloed op de agressie, meer eenzaamheid bij de gamer en negatieve gevolgen voor de schoolprestaties, terwijl de andere onderzoeker juist positieve gevolgen vindt, zoals een sterker gevoel van competentie en prestatie, gevoelens van vriendschap en verbondenheid en natuurlijk die eeuwig benadrukte gevolgen op de fijne motoriek, met name de oog-handcoördinatie.

Gevolgen zijn voor iedereen anders

Maar nu wordt langzamerhand duidelijker dat de effecten van het gamen op jongeren vooral afhankelijk zijn van een combinatie van factoren:

  1. Kenmerken van het kind zelf
  2. De functie die het gamen heeft
  3. Het aantal uren dat eraan besteed wordt.

Het maakt nogal uit of het gamen gevoeld wordt als een manier om met druk van school of werk om te kunnen gaan, of dat het een manier is om zo nu en dan even een leeg uurtje te vullen, wat je ook niet per se dagelijks doet, maar zo nu en dan. En het maakt nogal uit of een kind een gedragsprobleem heeft of een ontwikkelingsstoornis, of dat het vrijwel zonder toezicht zichzelf kan reguleren en zich kan houden aan een gemaakte afspraak om de gametijd te beperken.

Onderzoek waar we wat aan hebben

Als je rekening houdt met deze verschillen, levert onderzoek eindelijk resultaten op waar wij als opvoeders (of opvoedondersteuners) wat aan hebben. Zo blijkt dat we van licht gamen kunnen zeggen dat het gewoon goed is voor kinderen en jongeren. Ze zitten lekkerder in hun vel, ze gedragen zich aangenamer tegenover anderen, en ze kunnen beter omgaan met problemen dan kinderen die helemaal niet gamen. Het gaat mis als de speeltijd oploopt tot meer dan drie uur per dag. Dan zijn de gevolgen vooral negatief.

Bij jongeren die iets meer gamen, maar nog steeds matig (meer dan een uur maar minder dan drie uur per dag), zijn de gevolgen niet positief, maar ook niet negatief. Alleen gamers die meer dan drie uur per dag gamen, lopen risico op negatieve gevolgen: sociaal isolement, een toename in agressie en negatieve gevolgen op school- en werkprestaties.

Wat we nu weten uit onderzoek:

  • Jongens ervaren het gevoel van prestatie en beloning meer dan meisjes. Dit kan mogelijk verklaren waarom jongens gemiddeld meer tijd besteden aan gamen dan meisjes.
  • De relatie tussen het spelen van games en het ontwikkelen van agressie is niet zo eenvoudig: vooral bij obsessieve gamers is die relatie regelmatig aangetoond, maar bij matige gamers niet. Vaak zijn de effecten ook kortdurend.
  • De schoolprestaties van lichte gamers (maximaal een uur per dag) en matige gamers (maximaal drie uur per dag) lijden niet onder het gamen. Dat is anders bij gamers die meer dan drie uur per dag gamen: hun schoolprestaties gaan achteruit.
  • In verschillende onderzoeken worden verbanden gevonden tussen problematisch gamen en narcistische en neurotische persoonlijkheidskenmerken. Of het om een oorzaak-gevolgrelatie gaat, is niet duidelijk.
  • Obsessief gamen heeft negatieve gevolgen voor de algemene gezondheid, denk aan: slaapproblemen, meer ruzie, afgenomen tolerantie.
  • Licht gamen is goed voor je.

To game, or not to game

De website www.gameninfo.nl van het Trimbos Instituut bevat een film in drie delen onder de titel To game, or not to game. Gamers en niet-gamers hebben soms moeite om elkaar te begrijpen. Ouders snappen niet waarom een kind door wil gamen tijdens etenstijd. Een kind snapt niet waarom ouders daar een punt van maken. En binnen een relatie kan gamen tot irritatie leiden bij een niet-gamende partner. To game, or not to game laat een ochtend zien bij een gezin met twee gamers. Kruip in de huid van de gamers, partner en ouders om het verhaal compleet te krijgen. De film bestaat uit drie video’s van 5 à 6 minuten. Je vindt ze hier.

Tips

  • Sowieso is de website www.gameninfo.nl de moeite waard. Hét startpunt voor iedereen die iets meer wil weten over het opvoeden van jongeren die gamen. Voor ouders is er ook de laagdrempelige website www.uwkindengamen.nl.
  • Een zelftest voor problematisch gamen staat hier.
  • Er bestaat ook een gamen-infolijn tijdens kantooruren: 0900-1995 (€ 0,10/min)

Dit artikel verscheen eerder op www.bureaujeugdenmedia.nl.

Reacties 1

Laat een reactie achter

Reacties die geplaatst worden zonder in te loggen, worden eerst goedgekeurd door de redactie.