donderdag 27 maart 2014 | 1010x bekeken | 0x gedeeld | Leestijd: 4 minuten

De Netwerkmaatschappij, deel 3: Ideeën voor 21ste eeuwse vaardigheden en digitale geletterdheid

In mijn vorige blog heb ik het gehad over de automatisering die zeker van invloed zal zijn op de toekomstige werkgelegenheid: zo zullen er bijvoorbeeld veel banen verdwijnen. Het lijkt mij ook dat het onderwijs op de ontstane situatie moet inspelen door, in grote lijnen, de generieke vaardigheden over te nemen die het SLO heeft gedaan in haar concept-rapport: “Digitale geletterdheid en 21e eeuwse vaardigheden in het funderend onderwijs: een conceptueel kader.”
In dit artikel laat ik, aan de hand van mijn eigen werkzaamheden op school, zien hoe een school nieuwe houdingen en vaardigheden een plek kan geven in het dagelijkse schoolleven zonder al te grote organisatorische ingrepen. En ik ben benieuwd wat voor ideeën jullie hierover hebben.

Dit blogartikel is onderdeel van mijn serie artikelen over de netwerkmaatschappij. De bedoeling van deze serie is om mediacoaches, het onderwijs en vooral jonge mensen (of netwerkpartners die zich richten op jonge mensen) handvatten te geven voor het leven in de netwerkmaatschappij.

Even in het kort over het rapport van SLO: er worden 8 vaardigheden beschreven, waarbij het gaat om allerlei vormen van kennis, houdingen en sub-vaardigheden:

  1. Creativiteit: het bedenken van nieuwe ideeën en deze kunnen uitwerken en analyseren.
  2. Kritisch denken: het formuleren van een eigen, onderbouwde visie of mening.
  3. Probleemoplosvaardigheden: het (h)erkennen van een probleem en tot een plan kunnen komen om het probleem op te lossen.
  4. Communiceren: het effectief en efficiënt overbrengen en ontvangen van een boodschap.
  5. Sociale en culturele vaardigheden: het effectief kunnen leren, werken en leven met mensen met verschillende etnische, culturele en sociale achtergronden.
  6. Samenwerken: het gezamenlijk realiseren van een doel en anderen daarbij kunnen aanvullen en ondersteunen.
  7. Digitale geletterdheid: het effectief, efficiënt en verantwoord gebruiken van ict.
  8. Zelfregulering: het kunnen realiseren van doelgericht en passend gedrag.

De eerste 5 vaardigheden en houdingen horen naar mijn mening bij elkaar en zijn, eerlijk gezegd, van alle tijden. De andere vaardigheden heb ik hieronder cursief gemaakt.

Aanpak en ervaring op ‘mijn’ school
Op het Barlaeusgymnasium in Amsterdam, waar ik werk als mediathecaris, staat de school in ieder geval één week per jaar stijf van de adrenaline door het Klassentoernooi! De vierde klas organiseert het toernooi en alle klassen strijden tegen elkaar voor punten op verschillende onderdelen en manieren, zoals estafette, film, culinair, toneel, muziek, dans, spreekvaardigheid en de altijd onbekende geheime onderdelen. Het toernooi eindigt met een groot feest waar de winnende onder- en bovenbouwklassen bekend worden gemaakt.
De vaardigheden 1 t/m 5 komen tijdens het Klassentoernooi aan de orde en voeg daaraan toe: samenwerken en vooral de houding motivatie.

Inzetten van de vaardigheid: digitale geletterdheid
Op het gebied van digitale geletterdheid, waarbij het gaat het om het effectief, efficiënt en verantwoord gebruiken van ict, kan ik in mijn werk als mediathecaris een steentje bijdragen.

Als we verder inzoomen op ict-vaardigheden zoals knoppenvaardigheden, dan komt dit terug in twee instructielessen die ik geef ik aan de brugklassen tijdens uitvaluren. Tijdens de eerste les probeer ik via een enquête hoogte te krijgen van de stand van zaken m.b.t. de ict thuissituatie en mediawijsheid. Opvallend is dat de ene lage school veel meer aan educatie op dit gebied doet dan de andere. Ik werk altijd met het principe van vragen stellen, omdat ik er vrijwel zeker van ben dat er een deskundige in de zaal zit die de andere leerlingen kan vertellen hoe ze een bepaald praktisch probleem moeten oplossen. Een vraag die ik aan de leerlingen voorleg is bijvoorbeeld:

Een leerling maakt een werkstuk en kan het vervolgens niet versturen: hoe komt dat en wat kun je er aan doen?

Sommige leerlingen ontwikkelen ook op vroege leeftijd kennis en vaardigheden op het digitale vlak. Een van de mogelijkheden voor het onderwijs om zich aan te passen aan de eisen van de tijd is dat die leerlingen de kans krijgen hun kennis/vaardigheden te delen met medeleerlingen.

Nog een vaardigheid binnen digitale geletterdheid: informatievaardigheden
Mijn zoekles informatievaardigheden voor de eerste klassen is ook gebaseerd op het principe van vragen stellen. Ik merk dat leerlingen het een openbaring vinden als hun buurmeisje/-jongen andere hits krijgt, tijdens het zoeken op internet. Bij allerlei projecten op school laat ik aan de leerlingen zien welke, al dan niet betaalde, informatiebronnen we hebben. Daarnaast heb ik op onze website zoektips voor onder- en bovenbouw gezet en heb ik voor het profielwerkstuk veel relevante informatie bij elkaar gezet. Hier geef ik ieder jaar een presentatie over.

En hoe zit het met de achtste en laatste vaardigheid: zelfregulering?
Een laatste vaardigheid die SLO in haar concept-rapport noemt is zelfregulering. Hierbij gaat het om het om het kunnen realiseren van doelgericht en passend gedrag. Ik had het iets specifieker willen horen. Gaat het niet vooral ook om het kunnen aanbrengen van een balans tussen het digitale leven en het andere leven waarin het dag nacht is? Over die balans gaat het in mijn volgende blog.

Kennen jullie meer manieren of momenten waarop digitale vaardigheden en -geletterdheid aan bod kunnen komen in het onderwijs? Zo ja, dan hoor ik ze graag! Laat hieronder een reactie achter.

De volgende tips vind ik een waardevolle aanvulling op ‘onze’ 21ste eeuwse vaardigheden en digitale geletterdheid. Tips van de schrijvers van “The second machine age” uit de Volkskrant van 22 februari jl. “Race tegen de machine”: 

1. Ontwikkel kennis en vaardigheden waarin je beter bent dan een machine.
2. Blijf je aanpassen: levenslang leren is een noodzaak.
3. Vind een passie en voor leraren: help leerlingen hun passie te vinden. Middelmaat loont niet.

» Lees ook het eerste artikel in deze serie: ‘De netwerkmaatschappij, een verkenning
» Lees ook het tweede deel: ‘De netwerkmaatschappij deel 2: wat betekent de automatisering voor onze toekomst?

Reacties 3

  1. roelandsmeets

    Op verzoek van de Europese Commissie schreef de Italiaanse filosoof Luciano Floridi samen met collega’s het Onlife manifest: een filosofische beschouwing over het effect van de digitale revolutie op ons denken.

    In een interview met de Groene, 27 – 03 -14, gemaakt door Yvonne Zonderop, zegt hij o.a.: “Het goede nieuws is dat de technologische samenleving waar wij op af koersen ons stimuleert te denken in termen van relaties“. En “Dit is een oud filosofisch onderwerp. De zin van je leven komt van anderen om je heen, van je kinderen, je ouders, je vrienden. Je bent een knooppunt in een netwerk en het netwerk geeft jouw bestaan betekenis.”

  2. roelandsmeets

    In de column van Frans Kalshoven In de Volkskrant van 8 november kom ik een interessante passage tegen die gaat over vaardigheden bij kinderen, cognitieve en niet-cognitieve.

    New York Times journalist Paul Tough laat in zijn boek: How children succeed: http://www.paultough.com/the-books/how-children-succeed/ zien hoe belangrijk niet cognitieve vaardigheden als wilskracht, nieuwsgierigheid, ordelijkheid zijn voor kinderen. Kinderen die ze van huis uit meekrijgen zullen ook makkelijker cognitieve vaardigheden aanleren.

    Tough heeft veel research gedaan en opvoeders en wetenschapper geïnterviewd. De bovengenoemde vaardigheden – waarvan wij sommige herkennen als 21ste eeuwse vaardigheden – zijn volgens hem minstens even belangrijk als het IQ. Ze worden ook wel gezien als onderdeel van de persoonlijkheid of als karaktertrekken.

    Wij, opvoeders, kunnen stress verwarren met uitdaging. Maar, als er echt sprake is van uitdaging en risico, dan kan ons karakter, onze persoonlijkheid worden geboren. Karaktertrekken als pit doorzettingsvermogen en zelfbeheersing komen voort uit onze fouten. Tegenspoed hoeven we niet voor kinderen te creëren want die komen ze vanzelf wel tegen. Wat het verschil maakt is hoe wij, als ouders en opvoeders er op reageren.

Laat een reactie achter

Reacties die geplaatst worden zonder in te loggen, worden eerst goedgekeurd door de redactie.